Vaarwel trommelvliezen!

Zoals de vaste lezer misschien wel weet, hebben we hier thuis nogal eens last van gillende (keuken)meiden. Het begon met de middelste en haar gedrag werd na verloop van tijd steeds meer overgenomen door de jongste. Hoewel peuterlief inmiddels meestal in volzinnen spreekt, is het nu haar zusje die onze oren doet tuiten. Communicatie betekent voor hen in de dreumestijd kennelijk vooral zo luid en schel mogelijk krijsen. Soms uit blijdschap, maar helemaal wanneer ze hun zin niet krijgen. We probeerden onze ergernis uit te spreken door herhaaldelijk hun namen te laten vallen, gevolgd door ‘stop eens met gillen!’. Dat werkte natuurlijk voor geen meter en we besloten eens te kijken naar andere oplossingen. Want wat kun je nu precies doen tegen een kind dat liever wil gillen dan praten?

  1. ‘Gillen doen we in de gang!’

    Vanaf het moment dat we het idee hadden dat onze middelste enigszins begreep wat we haar vertelden, gaven we aan dat ze in huis best mag gillen. Maar dan wel in de gang! En dat ze dat prima snapt, bleek laatst. Ze duwde haar zusje voor de tweede keer in korte tijd omver. Het standje had ze al gekregen en dus mocht ze even in de gang. ‘Nu gaat ik gillen,’ vertelde ze me onderweg. Ik begreep haar niet goed, tot ik besefte dat wij haar altijd meegeven dat ze alleen daar mag loeien als een sirene. De deur ging dicht en ik heb geluidloos gelachen, terwijl zij haar belofte luidkeels waarmaakte.

  2. Negeren helpt niet altijd

    Persoonlijk hebben we hier geen hoge pet op van negeren, maar dat heeft mogelijk te maken de karakters van onze meisjes. Ze zijn allebei vrij koppig en gezegend met een gigantisch doorzettingsvermogen. Onze jongste is bijvoorbeeld nog geen veertien maanden, maar weigerde pertinent haar boterham met pindakaas toen ze zag daar haar zus salami kreeg. Zelfs nadat haar peuterzus de tafel had verlaten, schudde ze nog haar hoofd en hield haar lippen stevig op elkaar. Je kunt je dus voorstellen dat negeren van gegil alleen maar leidt tot frustratie (en we weten allemaal hoe dat klinkt…) Wat hier wel helpt, is onderzoeken wat nu precies dwarszit. Haal de oorzaak van hun boosheid uit beeld of leidt ze af. Ze leren bovendien vertrouwen dat jij als ouder snapt wat ze willen. Daardoor zijn ze (soms) iets geduldiger.

  3. Voorlezen tot je erbij neervalt

    Zolang woorden nog lastig zijn, verkiezen kinderen gillen. In elk geval hier thuis, blijkbaar. Daarom is het zaak zo snel mogelijk woorden aan te leren. Nijntje heeft leuke boeken met grote plaatjes, maar ook Woezel en Pip, Haas (van Raad eens hoeveel ik van je hou) en zelfs Buurman & Buurman (al zal het woord slijptol momenteel waarschijnlijk niet je prioriteit hebben). Een ander tijdelijk extra hulpmiddel is gebarentaal voor baby’s .

  4. Leren wat ze moeten zeggen

    Negeren werkte niet hier, maar wel scheelde het als we onze middelste (vanaf vijftien maanden) dwongen rustig te praten. ‘Mamaaaaa (of papaaaa), ik wil….’ zeiden we tegen haar, waarna ze mokkend een tandje terug schakelde en ons napraatte. Eerder luisterden we niet naar haar. Op het moment dat ze dat eenmaal door had, was het snel gedaan met het grootste deel van dat gegil. Natuurlijk, nog steeds maakt ze soms heel veel kabaal wanneer ze haar zin niet krijgt, maar dan verwijzen we haar door naar de gang. En dan is het vaak verrassend snel weer rustig.

  5. Neem rust!

    Ik heb het vaker gezegd, maar benadruk het nog maar eens. Neem echt je rust. Een gillend kind kan je echt tot waanzin drijven, zeker wanneer het de hele dag doorgaat en je geen idee meer hebt wat je ertegen kunt doen. Vooral kleinere baby’s (vanaf een maand of zes, zeven) kun je nauwelijks uitleggen wat je precies van ze verwacht. Met als gevolg dat je soms het liefst de deur achter je dicht zou draaien en in de tuin wil gaan huilen van ellende. Dus stap af en toe even uit de situatie als het je te gortig wordt en laat de honneurs waarnemen door een bekende die weet waar hij/zij aan begint.

  6. Slaap? Naar bed. Honger? Eten!

    Wij merkten op een gegeven moment een patroon. Gillen deed de middelste heel de dag door, maar de frequentie lag hoger rond etens- en slaaptijd. We probeerden haar daarom iets eerder te voeden en laten slapen, wat werkte als een trein. Het werd echt minder. Wel consequent uitvoeren, anders snijd je jezelf in de vingers!

  7. Neem jezelf niets kwalijk

    Ik had zelf de neiging alles af te gaan: waar was het mis gegaan? Had ik zelf een keer te luid gesproken? Of praten we thuis op harde toon met elkaar? Misschien was ze te vaak gevallen als beginnende wandelaar en kregen we nu te maken met een genegeerde hersenschudding? Ja, je kunt in je wanhoop alles nalopen en overal de schuld voor voelen. Maar echt, doe een rondje op verschillende fora en je ziet dat meer mensen ermee te maken krijgen. Lijkt me sterk dat die allemaal dezelfde ‘fouten’ zouden hebben gemaakt als jij. Bovendien, open je oren eens in een zwembad of speeltuin. Je bent niet alleen!

Gilde jullie kind ook zo? En welke oplossingen hebben jullie daarvoor gebruikt?

Author: Merel

Ik ben Merel. Samen met Ro zorg ik voor onze drie meisjes (10, 2 en 1 jaar): kleine eigengereide dametjes, die ons veel leren. Ik blog bijna dagelijks over ons leven, het ouderschap en de liefde. En omdat we hier in optima forma van een temperamentvol gezin genieten, ligt de inspiratie regelmatig letterlijk voor mijn voeten – al dan niet dramatisch schreeuwend omdat we de eierkoek verkeerd sneden. Dat maakt het bij ons thuis in elk geval nooit saai. Al zal onze bijna-puberende oudste daar wel een andere mening over hebben…

3 Replies to “Van gillen naar praten in zeven stappen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge